De jaarlijkse EAOHP-conferentie brengt onderzoekers uit verschillende landen samen rond actuele vraagstukken op het gebied van werk, gezondheid en organisatiepsychologie. Lisette van der Linden, onderzoeker van het Expertisecentrum van Doorwerkgever, bezocht de editie van juni 2026 in Helsinki en presenteerde de belangrijkste inzichten uit haar onderzoek over de rol van waarden en autonomie bij de keuze om door te werken na pensioen.
De conferentie is een belangrijk moment om nieuwe onderzoeksinzichten te delen, kennis uit te wisselen en vooruit te kijken naar ontwikkelingen die van invloed zijn op werknemers en organisaties. Lisette: “Wat mij vooral opviel is dat er veel aandacht is voor gezond ouder worden op het werk, maar dat de levensfase ná de pensioengerechtigde leeftijd nog opvallend vaak buiten beeld blijft. Dat is echt een gemiste kans.”
Het belang van maatwerk
Veel van de sessies gingen over de vraag hoe werk gedurende de levensloop kan blijven bijdragen aan gezondheid, bevlogenheid en duurzame inzetbaarheid. Verschillende onderzoekers lieten zien dat factoren als rolduidelijkheid, sociale steun en passend werk steeds belangrijker worden naarmate medewerkers ouder worden.
Tegelijkertijd werd duidelijk dat ouder worden niet bij iedereen op dezelfde manier verloopt. Medewerkers van dezelfde leeftijd kunnen heel verschillende behoeften, wensen en mogelijkheden hebben. Lisette: “Dat onderstreept het belang van maatwerk, in plaats van beleid dat uitsluitend uitgaat van leeftijd. Goed werkgeverschap begint niet bij de geboortedatum van een medewerker, maar bij het gesprek over wat iemand nodig heeft om met plezier en op een gezonde manier te kunnen blijven werken.”
Autonomie is meer dan volledige vrijheid
Ook autonomie was een belangrijk onderwerp tijdens de conferentie. Daarbij ging het vooral over autonomie binnen het werk: de ruimte om invloed uit te oefenen op de manier waarop het werk wordt uitgevoerd, zelf keuzes te maken en het eigen werktempo te bepalen.
Opvallend was dat autonomie genuanceerd werd benaderd. Meer autonomie is niet automatisch beter. Autonomie werkt vooral goed wanneer mensen voldoende grip op hun werk ervaren. Veel flexibiliteit zonder structuur kan juist extra zelfregulatie vragen en daardoor belastend zijn.
Autonomie betekent dus niet dat alle kaders moeten verdwijnen. Het gaat om een goede balans tussen keuzevrijheid, ondersteuning en duidelijke afspraken. Die nuance zette Lisette aan het denken. “Misschien ligt de aantrekkingskracht van doorwerken na pensioen juist in de mogelijkheid om zelf keuzes te maken, terwijl werk tegelijkertijd structuur, sociale verbinding en een vertrouwde omgeving blijft bieden.”
De periode na de pensioengerechtigde leeftijd blijft onderbelicht
Tijdens de conferentie werd veel gesproken over oudere werknemers, duurzame inzetbaarheid en langer gezond blijven werken. De periode ná de pensioengerechtigde leeftijd kwam echter opvallend weinig aan bod. De fase waarin mensen ervoor kiezen om volledig te stoppen of juist door te werken, lijkt nog niet vanzelfsprekend onderdeel te zijn van het gesprek over werk en de arbeidsmarkt.
Lisette: “Dat is opmerkelijk, want juist na de pensioengerechtigde leeftijd krijgt werk vaak een andere betekenis. Werken is dan niet langer vanzelfsprekend of noodzakelijk, maar steeds meer een bewuste keuze. Het gaat minder om carrière maken en vaker om zingeving, sociale contacten, het behouden van een professionele identiteit en de vrijheid om zelf te bepalen hoeveel en op welke manier iemand wil blijven werken.”
Nu steeds meer organisaties én werknemers nadenken over doorwerken na pensioen, verdient deze overgangsfase meer aandacht. Het is een periode waarin belangrijke vragen spelen over motivatie, zingeving, toekomstperspectief en de plek die werk kan innemen naast het gepensioneerde leven.
Een waardevolle onderzoeksagenda voor de komende jaren
De EAOHP-conferentie laat zien hoeveel kennis er inmiddels beschikbaar is over gezond ouder worden op het werk. Tegelijkertijd bevestigde het bezoek aan Helsinki Lisette dat er nog veel te ontdekken valt over de levensfase daarna.
“Niet alleen de vraag óf mensen na hun pensionering willen doorwerken is interessant. Minstens zo belangrijk is waarom zij daarvoor kiezen, onder welke voorwaarden dit op een prettige en duurzame manier mogelijk is en hoe organisaties daarop kunnen inspelen”, aldus Lisette.
Voor Lisette én Doorwerkgever ligt daar een waardevolle onderzoeksagenda voor de komende jaren. Met meer kennis over de wensen, waarden en behoeften van gepensioneerden kunnen organisaties werk creëren dat past bij deze nieuwe levensfase – en kunnen mensen op hun eigen manier en onder hun eigen voorwaarden van betekenis blijven.