Belastingplan 2017: de veranderingen en de gevolgen voor doorwerkers

hans roemer

Belastingplan 2017: de veranderingen en de gevolgen voor doorwerkers

Net zoals ieder jaar verandert ook in 2017 het een en ander in de belastingwetgeving. Op 20 december 2016 is het belastingplan 2017 door de Eerste Kamer gekomen en dus definitief. Hieronder een bloemlezing van een aantal wijzigingen dat, ook voor doorwerkers, van belang is. Achtereenvolgens komen aan bod: de inkomstenbelasting, de heffingskorting, arbeidskorting en de belasting over vermogen aan bod.

Belastingplan 2017 en de inkomstenbelasting

Het tarief voor de eerste schijf van de inkomstenbelasting (tot € 19.982,-) blijft in 2017 36,55%. Voor AOW’ers is dit percentage 18,65%. De tarieven voor de tweede en derde schijf (bij een inkomen tussen € 19.982,- en € 67.072,-) worden in 2017 verhoogd met 0,4% naar 40,8%. Voor AOW’ers met een inkomen tot € 33.791,- is het tarief in de tweede schijf 22,9%. In de derde schijf (een inkomen tot € 67.072,-) is het tarief 40,8%. Voor inkomens hoger dan € 67.072,- geldt een tarief van 52%.

In een schema ziet dat er voor niet-AOW’ers als volgt uit:

inkomensbelasting niet gepensioneerden

Net zoals ieder jaar verandert ook in 2017 het een en ander in de belastingwetgeving. Op 20 december 2016 is het belastingplan 2017 door de Eerste Kamer gekomen en dus definitief. Hieronder een bloemlezing van een aantal wijzigingen dat, ook voor doorwerkers, van belang is. Achtereenvolgens komen aan bod: de inkomstenbelasting, de heffingskorting, arbeidskorting en de belasting over vermogen aan bod.

Belastingplan 2017 en de inkomstenbelasting

Het tarief voor de eerste schijf van de inkomstenbelasting (tot € 19.982,-) blijft in 2017 36,55%. Voor AOW’ers is dit percentage 18,65%. De tarieven voor de tweede en derde schijf (bij een inkomen tussen € 19.982,- en € 67.072,-) worden in 2017 verhoogd met 0,4% naar 40,8%. Voor AOW’ers met een inkomen tot € 33.791,- is het tarief in de tweede schijf 22,9%. In de derde schijf (een inkomen tot € 67.072,-) is het tarief 40,8%. Voor inkomens hoger dan € 67.072,- geldt een tarief van 52%.

In een schema ziet dat er voor niet-AOW’ers als volgt uit:

inkomstenbelasting gepensioneerden

 Belastingplan 2017 en de heffingskorting

De algemene heffingskorting voor mensen die de AOW-leeftijd nog niet bereikt hebben, stijgt in het belastingplan 2017 gering: van € 2.242,- in 2016 naar € 2.254,- in 2017. Voor AOW’ers, en dus voor doorwerkers, is de algemene heffingskorting € 1.151,-.

Voor AOW’ers met een verzamelinkomen tot € 36.057,- is de ouderenkorting verhoogd van € 1.191,- naar € 1.292,-. Is het verzamelinkomen hoger dan € 36.057,-? Dan zakt de korting naar € 71,-.

 

Belastingplan 2017 en de arbeidskorting

De maximale arbeidskorting in het belastingplan 2017 is € 3.223,-. Dit bedrag wordt bereikt bij een arbeidsinkomen van circa € 20.000,-. De arbeidskorting is inkomensafhankelijk. Deze korting wordt afgebouwd tot € 0,- bij een inkomen vanaf € 121.972,-. De inkomensgrens vanaf waar de arbeidskorting wordt afgebouwd, wordt in 2017 verlaagd naar € 32.444,-. Dit was in 2016 € 34.015,-. Voor AOW’ers blijft de arbeidskorting in 2017 maximaal € 1.585,-.

 

Belastingplan 2017 en de belasting over vermogen

Uw spaargeld inclusief beleggingen minus eventuele schulden en verminderd met het heffingsvrij vermogen is uw belast vermogen. Hierover moet u vermogensbelasting betalen. Tot en met 2016 rekende de Belastingdienst 4% rendement over uw belast vermogen. Het voordeel uit sparen en beleggen wordt rendement genoemd. Over dat voordeel moet u 30% inkomstenbelasting betalen. Die 4% werd door veel Nederlanders ervaren als diefstal. De bankrente is tenslotte vele procenten lager. Maar door het belastingplan 2017 daar komt verandering in.

 

De berekening vanaf 2017

Vanaf 2017 gaat de Belastingdienst uw vermogen belasten via drie schijven. De eerste € 25.000,- per persoon zijn belastingvrij. Voor fiscale partners geldt dus en belastingvrij vermogen van € 50.000,-. Heeft u meer spaargeld dan de vrijstelling? Dan krijgt u te maken met een heffing van 30%. Dit tarief is gelijk gebleven aan dat van 2016, maar het denkbeeldige rendement waarover het wordt berekend, varieert met de hoogte van het spaargeld. In het algemeen is de wijziging gunstig voor kleine spaarders. Zij gaan minder belasting over hun vermogen betalen. Mensen met een groot vermogen gaan meer betalen.

Vanaf 2017 gelden de volgende 3 schijven in box 3:

box 3 - 2017

Kijk voor meer informatie over het Belastingplan 2017 op de website van de Belastingdienst.

 

 

Volg ons:

Doorwerkgever
info@doorwerkgever.nl

Iedereen die wil en kan werken, moet kunnen werken. Ook na pensioen. En daarom maken wij doorwerken na pensioen mogelijk.



Blog alles over doorwerken

Doorwerkverhalen van doorwerkers, lessons learned, onderzoeken, feiten en cijfers